Biofilia in de werkomgeving

Door de natuur voelen we ons prettig. Daarom is het niet verwonderlijk dat we steeds meer natuur in ons dagelijks leven aanbrengen.

Tekst Paloma van Moerkerken & Fiona de Vos

Wat is biofilia?

Biofilia betekent letterlijk ‘houden van het leven’. Het is de aangeboren liefde die wij hebben voor de natuur en andere levende organismen(1,2). Onze voorliefde voor natuur stamt af van de prehistorie, toen mensen in de natuur moesten overleven(1). Door de natuur voelen we ons prettig, en daarom is het niet vreemd dat we steeds meer natuur in ons dagelijks leven aanbrengen(3). Dus ook in de werkomgeving. Deze blog gaat over hoe biofilic design in de werkomgeving een prettiger sfeer geeft voor de werknemers. Biofilic design past natuur toe in het ontwerp.

Onderzoek naar het effect van biofilic design laat zien dat herhaalde blootstelling aan natuur op het werk o.a gezondheid en welzijn bevordert en stress vermindert(2). Daarnaast bevordert een biofilic design de interactie tussen mensen en verhoogt het de verantwoordelijkheid voor mens en natuur(4). Ook bevordert het de productiviteit onder werknemers(5). Genoeg redenen om uit te zoeken wat de do’s en don’ts zijn van biofilic design.

 

Focus op de natuur gaat zonder moeite, daarom laden we op van de natuur.

Attention Restoration Theory

Een verklaring voor het feit dat de natuur zulke goede effecten op ons heeft, komt van de Attention Restoration Theory (ART) van Kaplan en Kaplan(6). Deze theorie zegt dat we na een tijdje ons te hebben geconcentreerd, mentaal moe worden en we moeten opladen (directed attention fatique). Dit kan door een powernap te nemen, maar dat helpt niet genoeg. Het beste is om naar de natuur te kijken, zoals een zonsondergang of planten of bomen. Focus op de natuur gaat zonder moeite, in tegenstelling tot het concentreren op een moeilijke tekst. Daarom laden we op van de natuur. Zo kan de natuur goed helpen bij chirurgen. Om ervoor te zorgen dat hun hersenen kunnen herstellen van intense mentale inspanning, kunnen ze dus beter een rondje lopen door een (binnen) tuin of naar een aquarium kijken, dan dat ze gaan lunchen met collega’s in de kantine.

Direct contact met de natuur

Bij een biofilic design gaat het er niet om dat de meubels groen zijn gemaakt. Het gaat veel meer om het nabootsen van natuurlijke vormen, kleuren, patronen en bewegingen(3). Denk bijvoorbeeld aan het gebruik van planten, houten tafels, aquaria in de omgeving. In de natuur staan dingen natuurlijk nooit helemaal stil. Er komt beweging van de wind, of het licht veranderd door de zon die langzaam onder gaat. Een binnenfontein kan bijvoorbeeld zorgen voor beweging in de (werk)omgeving(3) hetgeen rustgevend kan werken. Daarnaast heeft water, als het er schoon uitziet een positief effect op ons(4).

Daglicht hebben we nodig voor ons algehele welzijn. Zonder daglicht worden we eerder moe. Daarom is het een belangrijk aspect in een biofilic design. Wanden van glas en reflecterende kleuren en materialen kunnen ervoor zorgen dat een gebouw meer daglicht binnenkrijgt(4).

 

Door de structuur van een termietenheuvel na te bootsen kan een gebouw met een ideale binnentemperatuur gerealiseerd worden.

Indirect contact met natuur

Naast direct contact met de natuur, zoals bovengenoemde voorbeelden, kun je ook een biofilic design hebben met een indirecte ervaring van natuur, bijvoorbeeld door middel van schilderijen en foto’s, natuurlijke materialen, zoals hout, steen, leer en wol, en natuurlijke kleuren. Bij schilderijen of foto’s van natuurlijke omgevingen gaat het niet om één klein plaatje ergens in een hoekje van de kamer, maar om meerdere foto’s of schilderijen(4) .

Biomimicry

Een ander voorbeeld van indirect contact met de natuur is biomimicry(4). Biomimicry is het namaken van modellen en systemen uit de natuur, om complexe problemen op te lossen(7). Een voorbeeld daarvan is het nabootsen van de structuur van een termietenheuvel (figuur 1) om een gebouw met een constante binnentemperatuur te realiseren. Dit is toegepast bij East Gate Centre: het grootste kantoren- en winkelcomplex van Zimbabwe(8). In Zimbabwe kan de temperatuur verschillen tussen  de 5 en 30 graden Celcius.. Dankzij de termietenheuvelstructuur, blijft het gebouw koeler en verbruikt daardoor 50% minder energie dan andere grote gebouwen in dezelfde omgeving(8).

       

Foto 1 en 2: Termietenheuvel in Namibië en East Gate Zimbabwe

 

Mensen houden van mysterieuze omgevingen. Een ruimte met verborgen plekken, die je niet in een oogopslag kan zien.

Ervaring van ruimte en plaats

Volgens onderzoekers(9) geven mensen de voorkeur aan een omgeving waarin onze kwaliteiten het best uit de verf komen. We zijn bijvoorbeeld niet heel sterk of snel, vergeleken met andere diersoorten, maar waar we wel goed in zijn is het verwerken en onthouden van informatie. Vanuit dat idee geven we de voorkeur aan omgevingen die ons stimuleren om informatie te verwerken: een ruimte die overzichtelijk is, maar niet te saai.

Mensen beoordelen omgevingen, volgens het Model of Environmental Preference(9) op vier kenmerken: coherentie, leesbaarheid, complexiteit of mysterie. Bij het vormgeven en inrichten van de werkomgeving zou je deze vier aspecten kunnen variëren afhankelijk van de doelgroep en werkzaamheden van de medewerkers. Een coherente omgeving houdt in dat de omgeving een logische samenhang heeft. In de werkomgeving betekent dit bijvoorbeeld dat materialen en meubels een geheel vormen.

Een leesbare omgeving is een omgeving die overzichtelijk is. Het zorgt ervoor dat mensen de omgeving kunnen begrijpen en inschatten, waardoor mensen zich veilig voelen. Denk hierbij aan een duidelijke bewegwijzering, of landmarks in een gebouw. Landmarks zijn kenmerken die je duidelijk kunnen maken waar je bent. Het is iets dat opvalt en waar er maar één van is, zodat je de plekken niet door elkaar kunt halen, bijvoorbeeld een opvallend schilderij of kunstwerk.

Mensen houden ook van een omgeving die complex is, maar tevens georganiseerd. Een ruimte waar je veel kanten op kan, maar wel op een duidelijke manier aangegeven. Denk ook hier weer aan bewegwijzering. Daarnaast houden mensen van mysterieuze omgevingen, bijvoorbeeld een ruimte met plekken die je niet in een oogopslag kan zien. Een plek uit het zicht om te kunnen werken met uitzicht op natuur. Dan zijn we even weg van alle prikkels, maar kunnen we wel genieten van het uitzicht buiten.

Biofilia in de werkomgeving

Er zijn veel mogelijkheden om meer natuur te brengen in de werkomgeving. Niet alleen directe natuur, zoals planten en fonteinen, maar ook indirecte natuur zoals schilderijen van landschappen en biomimicry kunnen zorgen voor een prettiger sfeer om in te werken, en een productievere medewerkers. Het model van environmental preference kan een goede leidraad zijn in het bedenken en inrichten van gebouwen, zodat er per doelgroep een juiste balans ontstaat tussen coherentie, leesbaarheid, complexiteit en mysterie.

 

Referenties

  1. Wilson, E. O. (1984). Cambridge, MA: Harvard University Press.
  2. Terrapin Bright Green. (2014). 14 Patterns of biophilic design: improving health and well-being in the built environment. Terrapin Bright Green IIc. New York.
  3. Augustin, S. (2009). Place advantage: Applied psychology for interior architecture. John Wiley & Sons.
  4. Kellert, S., & Calabrese, E. (2015). The practice of biophilic design. Retrieved from biophilic design. com.
  5. Nieuwenhuis, M., Knight, C., Postmes, T., & Haslam, S. A. (2014). The relative benefits of green versus lean office space: Three field experiments. Journal of Experimental Psychology: Applied, 20(3), 199.
  6. Kaplan, R., & Kaplan. S (1989). The experience of nature: A psychological perspective. New York: Cambridge University Press.
  7. Vincent, J. F., Bogatyreva, O. A., Bogatyrev, N. R., Bowyer, A., & Pahl, A. K. (2006). Biomimetics: its practice and theory. Journal of the Royal Society Interface, 3(9), 471-482.
  8. http://www.mickpearce.com/Eastgate.html
  9. Kaplan, S. (1987). Aesthetics, affect, and cognition: Environmental preference from an evolutionary perspective. Environment and Behavior, 19, 3-32.